ECLI:NL:RBLEE:2004:AR6243
Rechtbank Leeuwarden
- Kort geding
- G.H. Varekamp-Vos
- Rechtspraak.nl
Verhuurder onrechtmatig ontzegt huurder toegang tot gehuurde wegens huurachterstand
In deze kortgedingprocedure vordert de huurder dat de verhuurder hem weer toegang verschaft tot het gehuurde, nadat de verhuurder hem zonder toestemming de toegang had ontzegd wegens een vermeende huurachterstand. De huurder stelt dat hij hierdoor zijn werkzaamheden niet kan voortzetten en inkomsten misloopt. De verhuurder erkent een huurachterstand en heeft de inventaris laten afvoeren en nutsvoorzieningen afgesloten.
De rechtbank oordeelt dat de verhuurder in strijd heeft gehandeld met zijn verplichting op grond van artikel 7:203 BW Pro om het gehuurde ter beschikking te stellen. Zelfs als er sprake zou zijn van huurachterstand, rechtvaardigt dit geen eigenrichting. De rechtbank wijst de vorderingen van de huurder toe en legt dwangsommen op om naleving af te dwingen, maar ziet geen aanleiding voor het ultimum remedium van lijfsdwang.
De verhuurder wordt veroordeeld om binnen 48 uur de toegang tot het gehuurde en de inventaris aan de huurder te verschaffen, met een dwangsom van € 250 per dag bij niet-naleving, met een maximum van € 10.000 voor de inventaris en € 20.000 voor de toegang. Tevens wordt de verhuurder veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Verhuurder wordt veroordeeld om huurder binnen 48 uur weer toegang te verschaffen tot het gehuurde en de inventaris, onder dwangsom.