ECLI:NL:RBLEE:2004:AO1934
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Ontslag politieambtenaar wegens plichtsverzuim niet evenredig
De rechtbank Leeuwarden heeft op 19 januari 2004 uitspraak gedaan in een bestuursrechtelijke zaak waarin een politieambtenaar was ontslagen wegens vermeend ernstig plichtsverzuim. Het ontslag was gebaseerd op zes voorvallen, maar de rechtbank nam slechts drie daarvan over als gegrond.
De rechtbank oordeelde dat het ontslag als disciplinaire maatregel niet in verhouding stond tot de ernst van het plichtsverzuim, mede gezien het lange dienstverband van 22 jaar en de verstrekkende gevolgen van ontslag. Het primaire ontslagbesluit werd geschorst en het bestreden besluit vernietigd, zodat de zaak opnieuw op bezwaar moet worden beoordeeld. Tevens werden proceskosten en griffierecht aan eiser toegekend.
De rechtbank benadrukte dat kritiek op de objectiviteit van een intern onderzoek geen plichtsverzuim oplevert en dat sommige gedragingen van eiser onvoldoende bewijs leverden voor plichtsverzuim. Ook werd vastgesteld dat het plichtsverzuim deels in het verleden lag en niet zodanig ernstig was dat ontslag gerechtvaardigd was. De rechtbank gaf daarmee een belangrijke aanwijzing over de proportionaliteit van disciplinaire maatregelen binnen het politiebestel.
Uitkomst: Het ontslagbesluit van de politieambtenaar wordt vernietigd wegens onvoldoende gegrond plichtsverzuim en onevenredigheid van de straf.