ECLI:NL:RBLEE:2003:AF6440
Rechtbank Leeuwarden
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Beoordeling aanwijzingsbesluit en ontheffing voor vosbejaging ter bescherming weidevogels in Fryslân
De rechtbank Leeuwarden behandelde een verzoek tot voorlopige voorziening tegen het aanwijzingsbesluit ex art. 67 Flora Pro- en faunawet en de ontheffing ex art. 68 Flora Pro- en faunawet, waarmee het doden van vossen in de provincie Fryslân werd toegestaan om schade aan weidevogels te voorkomen.
Verzoekster voerde aan dat predatie een natuurlijk proces is en niet als schade kan worden aangemerkt, dat het oorzakelijk verband tussen vospredatie en achteruitgang van weidevogels niet wetenschappelijk is bewezen, en dat andere maatregelen effectiever zouden zijn. Verweerder stelde dat de maatregelen noodzakelijk zijn vanwege de internationale verantwoordelijkheid voor weidevogels en dat er geen andere bevredigende oplossingen bestaan.
De voorzieningenrechter oordeelde dat voldoende is komen vast te staan dat vospredatie een niet te verwaarlozen invloed heeft op het verlies van weidevogels en dat sprake is van schade in de zin van de Flora- en faunawet. Ook werd geoordeeld dat het aanwijzingsbesluit en de ontheffing rechtmatig zijn genomen, dat de jacht op vossen een effectief middel is, en dat geen significante negatieve effecten op beschermde gebieden te verwachten zijn.
De rechtbank wees het verzoek tot voorlopige voorziening af en verwachtte dat de bezwaren in de hoofdzaak ongegrond zullen zijn. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Verzoek tot voorlopige voorziening tegen aanwijzingsbesluit en ontheffing voor vosbejaging in Fryslân wordt afgewezen.