ECLI:NL:RBLEE:2002:AF0330
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vergunningverlening voor Oerolfestival op noodcamping te Terschelling niet onrechtmatig
Eiser, eigenaar van een vakantiewoning nabij de noodcamping te Terschelling, maakte bezwaar tegen de vergunning die de burgemeester had verleend aan de Stichting Terschellings Oerol Festival voor het houden van voorstellingen op deze locatie. Hij stelde dat zijn woongenot door de festivallocatie en de activiteiten te veel werd beperkt vanwege de korte afstand tot zijn woning.
De burgemeester had het bezwaarschrift deels niet-ontvankelijk en deels ongegrond verklaard, waarbij het bezwaar tegen de locatieaanduiding niet ontvankelijk werd geacht omdat eerdere vergunningen niet waren aangevochten. De rechtbank oordeelt echter dat dit ten onrechte is gedaan, maar verbindt hieraan geen gevolgen omdat de burgemeester het besluit heeft heroverwogen.
De rechtbank weegt het algemeen belang van het Oerolfestival, dat een belangrijke economische en maatschappelijke functie vervult voor Terschelling, zwaarder dan het individuele belang van eiser. De vergunning bevatte beperkingen en maatregelen om overlast te beperken. Daarom wordt het beroep ongegrond verklaard en blijft de vergunning in stand.
Uitkomst: Het beroep tegen de vergunningverlening voor het Oerolfestival op de noodcamping wordt ongegrond verklaard.