ECLI:NL:RBLEE:2001:AD6155
Rechtbank Leeuwarden
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen vrijstelling bouwrijp maken woonschepenhaven Drachten
Op 3 september 2001 verleende de gemeente Smallingerland vrijstelling ex art. 19 lid 1 WRO Pro voor het bouwrijp maken en inrichten van een woonschepenhaven nabij de Buitenstvallaat te Drachten. Verzoekers, bewoners van de huidige woonschepen, maakten bezwaar tegen deze vrijstelling en vroegen de rechtbank om een voorlopige voorziening te treffen zodat de werkzaamheden niet konden aanvangen voordat op het bezwaar was beslist.
De rechtbank oordeelde dat verzoekers als belanghebbenden in de zin van art. 1:2 Awb Pro konden worden aangemerkt vanwege hun directe en actuele belang bij de ligplaatsen in de nieuwe haven. De rechtbank stelde vast dat de vrijstelling gebaseerd was op een recent vastgesteld bestemmingsplan met een goede ruimtelijke onderbouwing en een verklaring van geen bezwaar van Gedeputeerde Staten.
De inrichting van de woonschepenhaven was in overleg met toekomstige bewoners aangepast om privacy te waarborgen en de ontsluiting was voldoende. De aanleg van een openbaar fietspad en fietsbrug zorgde voor goede bereikbaarheid en geen belemmering van de vrije doorvaart. Geluidsoverlast zou op de nieuwe locatie minder zijn dan op de huidige locatie, ondanks dat de geluidswal nog niet was gerealiseerd.
Gelet op deze omstandigheden concludeerde de rechtbank dat de gemeente in redelijkheid tot haar besluit kon komen en dat het bezwaar naar verwachting ongegrond zou worden verklaard. Het verzoek om een voorlopige voorziening werd daarom afgewezen. Tegen deze uitspraak was geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de vrijstelling voor het bouwrijp maken van de woonschepenhaven is afgewezen.