ECLI:NL:RBLEE:2000:AA6452
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid tot opleggen schadefondsverplichting bij steenzoutconcessie
De zaak betreft een geschil over het voorschrift in een steenzoutconcessie dat eiseres, Frima Zoutindustrie B.V., verplicht een stichting op te richten die een schadefonds beheert voor mogelijke schade door bodemdaling.
Eiseres betoogt dat de minister niet bevoegd is dit voorschrift op te leggen omdat de wettelijke grondslag in de Mijnwet 1810 is vervallen en de Mijnwet 1903 deze verplichting niet toestaat. Daarnaast stelt zij dat het voorschrift leidt tot een nadelige concurrentiepositie en een ontoelaatbare doorkruising van publiekrecht door privaatrechtelijke verplichtingen.
De rechtbank oordeelt dat de minister op grond van de Mijnwet 1903 bevoegd is voorschriften te verbinden aan concessies, waaronder het stellen van financiële zekerheden. Uit aanvullend onderzoek blijkt dat bodemdaling schade kan veroorzaken, wat het stellen van een waarborg rechtvaardigt. De rechtbank wijst het beroep af en bevestigt dat het voorschrift niet onredelijk is en geen ongerechtvaardigd verschil in behandeling oplevert.
Uitkomst: Het beroep van Frima Zoutindustrie B.V. wordt ongegrond verklaard en het voorschrift tot oprichting van een schadefonds blijft in stand.