ECLI:NL:RBHAA:2012:BX9809
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering koopkrachttegemoetkoming aan inwoner Israël strijdig met sociaal zekerheidsverdrag
Eiser, een AOW-gerechtigde woonachtig in Israël, ontving tot juni 2011 een tegemoetkoming op grond van artikel 33b AOW. Met ingang van 1 juni 2011 werd deze tegemoetkoming vervangen door de koopkrachttegemoetkoming (KOB) op grond van de Wet mogelijkheid koopkrachttegemoetkoming oudere belastingplichtigen (Wmkob). Verweerder weigerde de tegemoetkoming toe te kennen omdat eiser niet voldeed aan de eis dat ten minste 90% van zijn wereldinkomen in Nederland aan belastingheffing is onderworpen.
Eiser stelde dat deze weigering een ongeoorloofd onderscheid naar woonplaats vormt en in strijd is met artikel 4 van Pro het Verdrag inzake sociale zekerheid tussen Nederland en Israël. De rechtbank stelde vast dat de KOB een uitkering is die zonder discretionaire beoordeling wordt toegekend en valt onder de ouderdomsverzekering in de zin van het verdrag. De eis van onderworpenheid aan Nederlandse belastingheffing voor buitenlandse belastingplichtigen is niet gesteld aan binnenlandse belastingplichtigen, wat een verboden discriminatie oplevert.
De rechtbank verwierp het verweer van verweerder dat de KOB een fiscale maatregel is buiten de werkingssfeer van het verdrag. De KOB is geen belastingregeling, maar een uitkering die voortvloeit uit sociale zekerheidswetgeving. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en stelde vast dat eiser recht heeft op de KOB vanaf 1 juni 2011. Verweerder werd gelast tot uitbetaling over te gaan en het betaalde griffierecht te vergoeden.
Uitkomst: De rechtbank stelt vast dat eiser recht heeft op de koopkrachttegemoetkoming vanaf 1 juni 2011 en vernietigt het bestreden besluit.