ECLI:NL:RBHAA:2012:BV8111
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte medeplichtigheid poging moord wegens onvoldoende bewijs
De rechtbank Haarlem behandelde de zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van medeplichtigheid aan poging moord door het verstrekken van informatie over de verblijfplaats van het slachtoffer aan de dader. De hoofdverdachte, medeverdachte, was reeds veroordeeld voor poging moord op het slachtoffer.
Het bewijs bestond voornamelijk uit een telefoongesprek van 20 april 2010, opgenomen door medeverdachte, waarin een anonieme vrouw informatie gaf over het slachtoffer. Het NFI voerde een spraakonderzoek uit maar kon niet met zekerheid vaststellen dat verdachte de beller was. Daarnaast strookten de inhoud en kenmerken van het gesprek niet met de persoon van verdachte.
De rechtbank concludeerde dat het bewijs onvoldoende was om verdachte schuldig te verklaren. Ook de vorderingen van de benadeelde partijen werden afgewezen wegens onvoldoende causaal verband met het ten laste gelegde feit.
Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van medeplichtigheid aan poging moord en verklaarde de benadeelde partijen niet ontvankelijk in hun vorderingen.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van medeplichtigheid aan poging moord wegens onvoldoende bewijs.