ECLI:NL:RBHAA:2011:BU8175
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- C.E. Heyning-Huydecoper
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke vernietiging besluit verplaatsing weekmarkt wegens onvoldoende schadeafweging
Het college van burgemeester en wethouders van Zaanstad besloot de weekmarkt van 13 oktober 2010 te verplaatsen vanwege de jaarlijkse najaarskermis op het marktplein. De Centrale Vereniging voor de Ambulante Handel (CVAH) en individuele marktondernemers maakten bezwaar tegen dit besluit, stellende dat de verplaatsing onterecht was en schade veroorzaakte.
De rechtbank oordeelde dat verweerder bevoegd was het besluit te nemen, aangezien de aanwezigheid van de kermis een dringende reden vormde voor tijdelijke verplaatsing. Echter, de belangen van de marktondernemers waren onvoldoende betrokken bij de besluitvorming. Eisers hadden onvoldoende gelegenheid gekregen om hun schade nader te onderbouwen, terwijl de verplaatsing vermoedelijk omzetschade van 20% tot 50% veroorzaakte.
De rechtbank stelde vast dat de verlenging van de kermisduur vooral financiële belangen van de gemeente diende en niet voorzienbaar was voor eisers. Ook was het besluit laat aan hen bekendgemaakt, waardoor zij hun schade niet konden beperken. De compensatiemaatregelen waren onvoldoende en het besluit was in strijd met de artikelen 3:2 en 7:12 van de Algemene wet bestuursrecht.
Daarom werd het beroep gegrond verklaard, het besluit vernietigd en verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. Het beroep van de CVAH zelf en enkele marktondernemers werd niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van bezwaar of machtiging.
Uitkomst: Het besluit tot verplaatsing van de weekmarkt wordt vernietigd wegens onvoldoende betrokkenheid van eisers bij schadeafweging en onvoldoende onderbouwing van schade.