ECLI:NL:RBHAA:2011:BU3781
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot verlenging ontruimingsbescherming sportschool wegens belangenafweging
De huurder exploiteert sinds 1972 een sportschool in een bedrijfsruimte die door verhuurder is opgezegd wegens onbehoorlijk huurderschap, met name het niet melden van ernstige corrosie aan de dakconstructie. De huurder betwist dit en stelt dat hij niet op de hoogte was van het gebrek en dat zijn belang bij voortzetting van het gebruik van het pand zwaarwegend is.
De rechtbank oordeelt dat het gehuurde als bedrijfsruimte in de zin van artikel 7:230a BW moet worden aangemerkt en dat onvoldoende aannemelijk is dat de huurder zich onbehoorlijk heeft gedragen. Het gebrek was niet zichtbaar voor de huurder en lag op een moeilijk toegankelijke vliering. Verhuurder heeft geen feiten gesteld die aantonen dat huurder het gebrek kende of behoorde te kennen.
Gelet op de belangenafweging weegt het belang van de huurder, onder meer vanwege de maatschappelijke functie van de sportschool, de investeringen en de beperkte mogelijkheden om elders te vestigen, zwaarder dan het belang van verhuurder bij onmiddellijke ontruiming. Daarom wordt de ontruimingsbescherming verlengd tot maximaal een jaar na de oorspronkelijke einddatum van de huurovereenkomst.
De kantonrechter bepaalt dat de huurovereenkomst eindigt per 1 februari 2011 en verlengt de termijn waarbinnen ontruiming moet plaatsvinden tot 1 februari 2012. Beide partijen dragen hun eigen kosten.
Uitkomst: De ontruimingsbescherming wordt verlengd tot 1 februari 2012 omdat de huurder niet onbehoorlijk heeft gehandeld en een zwaarwegend belang heeft bij voortzetting van het gebruik.