ECLI:NL:RBHAA:2011:BT6365
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging erkenning juridisch vaderschap wegens ontbreken biologische vaderrelatie
Het minderjarige kind, vertegenwoordigd door de Stichting Bureau Jeugdzorg Noord-Holland, verzocht de rechtbank om de erkenning van het juridisch vaderschap door de erkenner te vernietigen. De erkenning was in 2004 met toestemming van de moeder gedaan, maar het kind stelt dat de erkenner niet haar biologische vader is en wenst geen contact meer met hem.
De Stichting trad op als wettelijk vertegenwoordiger van het kind en diende het verzoek in, maar de rechtbank verklaarde haar niet-ontvankelijk omdat volgens artikel 1:212 BW Pro alleen een bijzondere curator namens het minderjarige kind een verzoek tot vernietiging van erkenning kan indienen. De bijzondere curator was inmiddels benoemd en nam het verzoek over.
De erkenner erkende het verzoek en betuigde spijt over het verloren contact, maar weersprak het niet. De rechtbank oordeelde dat het juridisch vaderschap in overeenstemming moet worden gebracht met de biologische werkelijkheid, mede gelet op de leeftijd van het kind.
Daarom werd de erkenning vernietigd. De rechtbank droeg tevens op dat een afschrift van de beschikking aan de ambtenaar van de burgerlijke stand wordt gezonden, zodat de wijziging in de registers kan worden doorgevoerd. Tegen deze beschikking kan hoger beroep worden ingesteld binnen drie maanden.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de erkenning van het juridisch vaderschap omdat de erkenner niet de biologische vader is.