ECLI:NL:RBHAA:2011:BT2025
Rechtbank Haarlem
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Bindende afspraak beëindiging arbeidsovereenkomst zonder ondertekening vaststellingsovereenkomst
Werkneemster was sinds september 2008 in dienst bij De Block en had diverse functioneringsproblemen. Na een ontbindingsverzoek van De Block in maart 2011 zijn partijen via hun gemachtigden in onderling overleg getreden over een minnelijke regeling.
Op 10 mei 2011 bevestigde de gemachtigde van werkneemster telefonisch instemming met de vaststellingsovereenkomst, waarna De Block het ontbindingsverzoek introk. Werkneemster weigerde later de overeenkomst te ondertekenen en vorderde doorbetaling van salaris omdat zij meende dat de arbeidsovereenkomst niet was geëindigd.
De kantonrechter stelt dat de verklaring van de gemachtigde van werkneemster als een instemming met de vaststellingsovereenkomst mag worden opgevat. Het ontbreken van een handtekening door werkneemster doet hieraan niet af, omdat het tekenen geen voorwaarde was voor de totstandkoming van de overeenkomst.
Daarom is de arbeidsovereenkomst per 1 augustus 2011 geëindigd en wordt de vordering van werkneemster afgewezen. De proceskosten worden aan werkneemster opgelegd.
Uitkomst: De kantonrechter wijst de vordering tot doorbetaling van salaris af omdat een bindende afspraak tot beëindiging van de arbeidsovereenkomst via de gemachtigde is bereikt.