ECLI:NL:RBHAA:2011:BR1295

Rechtbank Haarlem

Datum uitspraak
26 mei 2011
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
507848 BM/11-429
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • C.J. Baas
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 1:432 BWArt. 1:447 lid 1 BW
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Tijdelijke onderbewindstelling wegens onbekwaamheid meerderjarige

De rechtbank Haarlem behandelde het verzoek tot onderbewindstelling van een meerderjarige die vanwege zijn geestelijke toestand niet in staat is zijn vermogensrechtelijke belangen zelf behoorlijk waar te nemen. Verzoekster, die het verzoek indiende, werd niet ontvankelijk verklaard omdat zij niet behoort tot de categorie personen die een meerderjarigenbewind kunnen verzoeken volgens artikel 1:432 BW Pro.

De kantonrechter concludeerde dat het in het belang van de rechthebbende is dat hij bij het bereiken van zijn meerderjarigheid geen beheer over zijn goederen krijgt. Daarom werd een tijdelijk bewind ingesteld tot een definitieve beslissing op het verzoek. De tijdelijk bewindvoerder werd benoemd en zijn beloning vastgesteld volgens de richtlijnen.

De rechthebbende zal worden opgeroepen om gehoord te worden voordat een definitieve beslissing wordt genomen. Indien het verzoek wordt toegewezen, wordt het tijdelijke bewind omgezet in een bewind voor onbepaalde tijd; bij afwijzing wordt het opgeheven. Tegen deze beschikking kan alleen met tussenkomst van een advocaat hoger beroep worden ingesteld.

Uitkomst: Verzoekster wordt niet ontvankelijk verklaard en er wordt een tijdelijk bewind ingesteld over de goederen van de meerderjarige.

Uitspraak

RECHTBANK HAARLEM
Sector kanton
Locatie Zaandam
zaaknummer : 507848 BM/11-429
datum : 26 mei 2011
Tussenbeschikking houdende tijdelijke onderbewindstelling
op verzoek van:
1. [A.]
[adres]
2. [B.],
[adres]
Het verzoek strekt tot instelling van bewind over de goederen die (zullen) toebehoren aan:
[C.],
geboren te [geboortedatum en geboorteplaats],
thans nog wonende te [adres]
hierna te noemen rechthebbende.
procedure
De kantonrechter heeft kennisgenomen van:
- het verzoekschrift met bijlagen, ter griffie ingekomen op 18 april 2011;
- een bereidverklaring van de voorgestelde bewindvoerder;
- een verklaring van [X.], psychiater;
- een indicatiebesluit verblijf gesloten jeugdzorg met analyse verslag;
De belanghebbenden zijn in de gelegenheid gesteld hun mening kenbaar te maken.
Daarbij is rechthebbende niet verschenen. Omdat hij nu nog woonachtig is te Capelle aan de IJssel is aan de kantonrechter in de Rechtbank Rotterdam verzocht rechthebbende te horen. Door omstandigheden heeft dat verhoor tot op heden niet plaatsgevonden.
Een mondelinge behandeling van het verzoekschrift heeft plaatsgevonden, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt.
beoordeling
Verzoekster sub 1 wordt niet ontvankelijk verklaard in haar verzoek nu zij niet behoort tot de in artikel 1:432 BW Pro genoemde personen, die instelling van een meerderjarigenbewind kunnen verzoeken.
Uit hetgeen ter zitting naar voren is gebracht alsmede uit de overgelegde rapportage moet voorshands worden geconcludeerd dat rechthebbende tengevolge van zijn geestelijke toestand niet in staat is ten volle zijn vermogensrechtelijke belangen zelf behoorlijk waar te nemen.
Voor daarover kan worden beslist dient hij echter in staat te worden gesteld te worden gehoord.
Alles wijst er echter op dat het in het belang van rechthebbende als hoogst ongewenst moet worden beschouwd dat rechthebbende bij het bereiken van de achttienjarige leeftijd op 30 mei 2011, zelfs maar voor korte tijd zelf het beheer over zijn goederen zou verkrijgen.
Na 30 mei 2011 zal rechthebbende verblijven bij zijn moeder in Purmerend, zodat hij kan worden opgeroepen ter zitting in Zaandam.
De kantonrechter zal daarom een tijdelijk bewind instellen en wel tot definitief op het verzoek kan worden beschikt. Indien alsnog wordt beslist dat het verzoek kan worden toegewezen, zal het tijdelijk bewind worden omgezet in een bewind voor onbepaalde tijd. Indien alsnog tot afwijzen wordt besloten, zal het tijdelijk bewind worden opgeheven.
De beloning van de tijdelijk bewindvoerder zal worden vastgesteld in overeenstemming met de richtlijnen van het Landelijk Overleg Kantonrechters voor professionele bij de branchevereniging aangesloten bewindvoerders, thans tot een bedrag van € 871,00 per jaar en eenmalige intake kosten van € 330,50. De bedragen zijn exclusief eventueel verschuldigde BTW.
Indien het bewind wordt omgezet in een bewind voor onbepaalde tijd met benoeming van de tijdelijk bewindvoerder tot bewindvoerder, zal niet opnieuw een bedrag voor intake kosten worden toegekend.
beslissing
De kantonrechter:
- stelt de goederen, die toebehoren of zullen toebehoren aan [C.] voornoemd met ingang van de dag waarop rechthebbende meerderjarig wordt, tijdelijk onder bewind en wel tot definitief op het verzoek kan worden beslist;
- benoemt tot tijdelijk bewindvoerder [S.], h.o.d.n. Appèl Bewindvoering, gevestigd te Amsterdam, postadres: Postbus 56828, 1040 AV;
- stelt het salaris van de bewindvoerder in afwijking van het bepaalde bij artikel 1:447 lid 1 BW Pro vast overeenkomstig de tarieven genoemd en gepubliceerd in de richtlijnen van het Landelijk Overleg Kantonrechters;
- verklaart verzoekster sub 1 niet ontvankelijk in haar verzoek;
- bepaalt dat de belanghebbende zal worden opgeroepen tegen een nader te bepalen datum;
- bepaalt dat tegen deze beschikking slechts gelijktijdig met de eindbeschikking appel kan worden ingesteld;
- houdt iedere verdere uitspraak aan.
Deze beschikking is gegeven door mr. C.J. Baas, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier.
De griffier, De kantonrechter,
Tegen deze beslissing kan -uitsluitend door tussenkomst van een advocaat- hoger beroep worden ingesteld bij het Gerechtshof te Amsterdam
a. door de verzoeker en degenen aan wie de griffier een afschrift van deze beschikking heeft verstrekt of verzonden: binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
b. door andere belanghebbenden: binnen drie maanden na betekening daarvan of nadat deze beschikking hun op andere wijze bekend is geworden.