ECLI:NL:RBHAA:2011:BP2232
Rechtbank Haarlem
- Voorlopige voorziening
- F.M. Visser
- Rechtspraak.nl
Ontbinding huurovereenkomst na sluiting woning op grond van artikel 13b Opiumwet
De zaak betreft een geschil tussen woningstichting Wherestad en huurders die sinds 1978 een woning huren. Na een politie-inval wegens verdenking van grootschalige drugshandel vanuit de woning, werd door de burgemeester een sluitingsbevel gegeven op grond van artikel 13b van de Opiumwet. De woning werd gesloten voor een maand, waarna Wherestad de huurovereenkomst buitengerechtelijk ontbond en ontruiming vorderde.
De huurders maakten bezwaar tegen het sluitingsbesluit en verzochten om schorsing, maar dit werd afgewezen. Na afloop van de sluitingsperiode keerden zij terug in de woning en weigerden te vertrekken. De kantonrechter oordeelde dat de ontbinding van de huurovereenkomst rechtsgeldig was op grond van het enkele feit van het sluitingsbevel, zonder dat bewijs van daadwerkelijke drugshandel of tekortkoming door de huurders nodig was.
De rechter benadrukte dat de verhuurder niet hoeft te wachten op onherroepelijkheid van het bestuursrechtelijke besluit en dat de belangenafweging beperkt is tot toetsing op onaanvaardbare gevolgen of misbruik van recht. Ondanks het hoge leeftijdsbelang van de huurders, vond de rechter het belang van de verhuurder en de leefbaarheid in de wijk zwaarder wegen. De huurders werden veroordeeld tot ontruiming en betaling van huurpenalen en proceskosten.
Uitkomst: De huurders worden veroordeeld tot ontruiming van de woning en betaling van huurpenalen en proceskosten.