ECLI:NL:RBHAA:2010:BO9072
Rechtbank Haarlem
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Ontslag op staande voet wegens onrechtmatige bonusuitbetaling niet gerechtvaardigd
De werkneemster, general manager bij IM, werd op 8 september 2010 op staande voet ontslagen nadat zij haar bonus over 2008 via het bedrijf van haar echtgenoot had laten uitbetalen. Werkgever stelde dat dit onaanvaardbaar was en dat zij geen gehoor had gegeven aan een oproep voor een gesprek.
In kort geding vorderde de werkneemster doorbetaling van salaris, terwijl de werkgever een voorschot op schadevergoeding en terugbetaling van het bonusbedrag eiste. De kantonrechter oordeelde dat eerst bewijs geleverd moet worden over de ernst van de gedragingen en dat de gedragingen op dit moment geen geldige dringende reden voor ontslag opleveren.
Het niet verschijnen op het gesprek werd niet als een redelijk verzoek van de werkgever gezien, en de werkneemster had tijdig schriftelijk gereageerd. De vorderingen van de werkgever werden afgewezen, en de werkneemster werd veroordeeld tot betaling van het achterstallige salaris met een gematigde wettelijke verhoging en rente.
De kantonrechter wees ook de vordering af om de werkneemster te verplichten terugbetaling van het bonusbedrag door het bedrijf van haar echtgenoot te bewerkstelligen, omdat zij daar geen partij in is. De proceskosten werden aan de werkgever opgelegd.
Uitkomst: Het ontslag op staande voet is niet gerechtvaardigd; werkneemster krijgt doorbetaling van salaris toegewezen en vorderingen van werkgever worden afgewezen.