ECLI:NL:RBHAA:2010:BO6971
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- R.H.M. Bruin
- J.M. Janse van Mantgem
- K.I. de Jong
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek rechter in familieomgangszakenprocedure
Verzoekster heeft bij de rechtbank Haarlem een wrakingsverzoek ingediend tegen de rechter die betrokken is bij een familiezaak over omgang tussen een kind en een van zijn ouders. Zij stelde dat de rechter vooringenomen was, onder meer omdat hij processtukken die zij kort voor de zitting had ingediend buiten beschouwing liet en omdat hij haar op een wijze toesprak die de indruk van partijdigheid zou wekken.
De rechtbank overwoog dat het buiten beschouwing laten van stukken een procesbeslissing is die op zichzelf geen grond voor wraking vormt, ook niet als deze beslissing negatief uitvalt voor een partij. De rechter had zich gehouden aan het procesreglement en er was geen sprake van een zwaarwegende aanwijzing voor vooringenomenheid. Ook de opmerking van de rechter aan verzoekster werd gezien als een redelijke aanmoediging tot inleving in de positie van de wederpartij.
Verder werden aanvullende gronden van verzoekster buiten beschouwing gelaten omdat deze niet tijdig waren ingebracht. De rechtbank concludeerde dat de vrees voor partijdigheid niet objectief gerechtvaardigd was en wees het wrakingsverzoek af. De procedure in de hoofdzaak werd voortgezet in de stand waarin deze zich bevond ten tijde van het verzoek.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter wordt afgewezen wegens het ontbreken van zwaarwegende aanwijzingen voor vooringenomenheid.