ECLI:NL:RBHAA:2010:BO2580
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.J.A. Plaisier
- A.C.M. Rutten
- S. Jongeling
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens opzettelijke uitkeringsfraude door verzwegen vermogen en inkomsten
De rechtbank Haarlem heeft verdachte schuldig bevonden aan het opzettelijk nalaten van het melden van een tweede bankrekening, bezit van zilverwerk, antiek, levensverzekeringen, gebruik van een auto en inkomsten uit (bouw)werkzaamheden en handel in zilverwerk gedurende ruim drie jaar. Hierdoor heeft verdachte samen met zijn mededader een uitkering op grond van de Wet werk en bijstand onterecht ontvangen en de gemeenschap benadeeld voor een bedrag van ruim €60.000.
De verdediging verzocht om bewijsuitsluiting van observaties, stellende dat sprake was van stelselmatige observatie zonder bevel van de officier van justitie, maar de rechtbank verwierp dit verweer omdat de observaties slechts enkele uren per dag vanaf de openbare weg plaatsvonden en geen volledig beeld van het privéleven gaven. De anonieme melding die aanleiding gaf tot het onderzoek werd eveneens geaccepteerd als rechtmatig.
De rechtbank nam diverse bewijsmiddelen in overweging, waaronder bankafschriften van een rekening op naam van de dochter van verdachte, verklaringen van getuigen, waarnemingen van sociale rechercheurs en de vondst van zilverwerk en contant geld in de woning. Verdachte erkende de handel in zilver via internet. Ondanks eerdere veroordelingen voor soortgelijke feiten recidiveerde verdachte.
De rechtbank achtte de ernst van het feit en de omstandigheden zodanig dat een gevangenisstraf van tien maanden passend is, waarbij de tijd die verdachte reeds in verzekering heeft doorgebracht in mindering wordt gebracht.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot tien maanden gevangenisstraf wegens opzettelijke uitkeringsfraude.