ECLI:NL:RBHAA:2010:BN8395
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontslag opzegging werknemer niet aannemelijk; loonvordering afgewezen wegens niet beschikbaar stellen arbeid
Werknemer trad in november 2006 in dienst bij de werkgever als onderhoudsmonteur. Op 8 december 2008 vond een gesprek plaats waarin werkgever stelde dat werknemer had aangegeven te willen stoppen. Werknemer leverde bedrijfseigendommen in, maar tekende niet de bevestigingsbrief van ontslag. Werkgever staakte daarop de loonbetalingen en vroeg ontbinding aan.
De kantonrechter oordeelde dat voor een geldige opzegging door de werknemer een duidelijke en ondubbelzinnige verklaring vereist is. Gezien de onduidelijkheid over de intentie van werknemer en het ontbreken van schriftelijke bevestiging, was niet aannemelijk dat werknemer de arbeidsovereenkomst had opgezegd. Werkgever had moeten verifiëren of werknemer zijn ontslag daadwerkelijk wilde.
Hoewel de arbeidsovereenkomst tot 1 april 2009 voortduurde, stelde werknemer zich niet beschikbaar voor werk en reageerde niet tijdig op de brief van werkgever. Hierdoor gold de hoofdregel 'geen arbeid, geen loon' en werd de loonvordering afgewezen. De proceskosten werden aan werknemer opgelegd.
Uitkomst: De loonvordering van werknemer wordt afgewezen omdat hij zich niet beschikbaar stelde voor werk na 8 december 2008.