ECLI:NL:RBHAA:2010:BL9858
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- S.B.M. Voorhoeve
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling wegens onnodige procedure inzake inschrijving echtscheiding
De vrouw verzocht de rechtbank om wijziging van een eerdere beschikking inzake de vaststelling van een kinderbijdrage. Zij stelde dat de omstandigheden sinds de beschikking van 21 juli 2009 zodanig waren gewijzigd dat aanpassing noodzakelijk was, mede omdat de inschrijving van de echtscheidingsbeschikking nog enige tijd kon duren.
De man voerde verweer en stelde dat er geen wijziging van omstandigheden was en dat hij bereid was de echtscheidingsbeschikking onverwijld in te schrijven, maar dat de vrouw de benodigde akte van berusting nog niet had ondertekend. Tijdens de zitting trok de vrouw haar verzoek in nadat zij had aangegeven de akte onmiddellijk te willen ondertekenen.
De rechtbank oordeelde dat de procedure daardoor nodeloos was gevoerd en veroordeelde de vrouw op grond van artikel 237 Rv Pro in de proceskosten. De kosten aan de zijde van de man werden begroot op € 262 aan verschotten en € 904 aan advocaatkosten. De rechtbank wees het meer of anders verzochte af en verklaarde de beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De vrouw wordt veroordeeld in de proceskosten omdat zij haar verzoek introk nadat de man bereid was direct mee te werken aan de inschrijving van de echtscheiding.