ECLI:NL:RBHAA:2010:BK9096
Rechtbank Haarlem
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Beoordeling rechtmatigheid en proportionaliteit van conservatoir beslag in voordeelsontnemingszaak
Klaagster, een vennootschap, verzocht op 19 november 2009 om opheffing van conservatoir beslag ter hoogte van ruim €1,3 miljoen dat gelegd was in het kader van een strafrechtelijk onderzoek naar valsheid in geschrift en witwassen. De rechtbank behandelde het klaagschrift op 18 december 2009 in raadkamer en oordeelde dat het beslag rechtmatig was.
De rechtbank stelde vast dat het beslag was gelegd op grond van een verdenking van een misdrijf waarvoor een geldboete van de vijfde categorie kan worden opgelegd. Klaagster betwistte niet dat het niet onwaarschijnlijk is dat de strafrechter later een ontnemingsmaatregel zal opleggen. De rechtbank benadrukte dat de toetsing ex artikel 552a Sv marginaal is en niet de inhoudelijke beoordeling van het voordeel omvat.
Ten aanzien van de door klaagster aangevoerde overlap van beslagen over dezelfde vorderingen tot voordeelsontneming oordeelde de rechtbank dat dit niet disproportioneel is. Het maximumbedrag in de machtiging betreft niet het maximale beslagbedrag, maar het bedrag waarvoor verhaal wordt gezocht. Ook het leggen van beslag op hetzelfde voordeel bij meerdere betrokkenen is toegestaan omdat het voordeel vanuit het subject wordt beoordeeld.
De rechtbank concludeerde dat het beklag ongegrond is en het beslag gehandhaafd blijft. Mr. J.J. Dijk kon de beschikking niet medeondertekenen.
Uitkomst: Het beklag tegen het conservatoir beslag wordt ongegrond verklaard en het beslag blijft gehandhaafd.