ECLI:NL:RBHAA:2009:BP5644

Rechtbank Haarlem

Datum uitspraak
15 oktober 2009
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
415843 CV EXPL 09-1336
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • F.M. Visser
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing vordering betaling acceptgiro- en administratiekosten door Stadsverwarming Purmerend

Stadsverwarming Purmerend vorderde van gedaagden betaling van acceptgiro- en administratiekosten. In een tussenvonnis van 23 juli 2009 werd reeds overwogen dat deze vordering niet toewijsbaar was en werd Stadsverwarming in de gelegenheid gesteld haar vordering te herberekenen.

Na herberekening concludeerde Stadsverwarming dat er ten aanzien van de hoofdsom niets meer te vorderen viel. Hierdoor kwam de grondslag van de vordering te vervallen en werd de gehele vordering afgewezen.

De kantonrechter veroordeelde Stadsverwarming tot betaling van de proceskosten, die aan de zijde van de gedaagden nihil werden begroot omdat zij zonder rechtsbijstandprocedure hadden gevoerd. De kantonrechter liet in het midden door wiens oorzaak de gedaagden zo ruim na de eerst dienende dag op de vordering zijn gaan inlopen.

Het vonnis werd uitgesproken door mr. F.M. Visser op 15 oktober 2009 te Haarlem.

Uitkomst: De vordering van Stadsverwarming Purmerend tot betaling van acceptgiro- en administratiekosten wordt afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK HAARLEM
Sector kanton
Locatie Zaandam
zaak/rolnr.: 415843 / CV EXPL 09-1336
datum uitspraak: 15 oktober 2009
VONNIS VAN DE KANTONRECHTER
inzake
de besloten vennootschap Stadsverwarming [woonplaats] B.V.
te [woonplaats],
eiseres
hierna te noemen: Stadsverwarming
gemachtigde: gerechtsdeurwaarder H.J. Jansen
tegen
[gedaagde 1]
[gedaagde 2]
beiden te [woonplaats], gedaagden
hierna te noemen: [gedaaagden]
gemachtigde: K. van Houten
De procedure
Verwezen wordt naar hetgeen omtrent het procesverloop staat vermeld in het tussenvonnis van 23 juli 2009. Vervolgens hebben partijen een akte genomen.
De beoordeling van het geschil
Stadsverwarming heeft, nadat zij haar vordering heeft herberekend en geactualiseerd, met gelijktijdige herberekening van vertragingsrente aldus geconcludeerd dat ter zake de hoofdsom thans niets meer te vorderen over is gebleven. Hiermee is grondslag van de vordering komen te vervallen. Uit het vorenstaande volgt dat de vordering integraal zal worden afgewezen.
Door Stadsverwarming zijn geen omstandigheden gesteld die de vordering voor wat de proceskosten betreft kunnen dragen. De kantonrechter laat hier verder in het midden door wiens oorzaak [gedaaagden] zo ruim na de eerst dienende dag op de vordering zijn gaan inlopen.
De proceskosten komen voor rekening van Stadsverwarming omdat deze in het ongelijk wordt gesteld. De kosten van Robbe en Van Houten worden gesteld op nihil, omdat zij zonder rechtsbijstandverlener hebben kunnen procederen en geen kosten hebben opgegeven.
De beslissing
De kantonrechter:
wijst de vordering af
veroordeelt Stadsverwarming tot betaling van de proceskosten, die aan de kant van [gedaaagden] tot en met vandaag worden begroot op nihil aan salaris gemachtigde.
Dit vonnis is gewezen door mr. F.M. Visser en uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum.