ECLI:NL:RBHAA:2009:BH4034
Rechtbank Haarlem
- Voorlopige voorziening
- W.J. van Brussel
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen herziening en maatregel bijstand wegens niet-nakoming inlichtingenplicht
Verzoekster ontvangt sinds 1997 een bijstandsuitkering en heeft vier minderjarige kinderen. Verweerder heeft haar uitkering per februari 2008 opgeschort wegens vermoedens van niet opgegeven gezamenlijke huishouding en niet verstrekte informatie over giften, leningen, een auto en een bankrekening. Na onderzoek en bezwaar heeft verweerder het recht op bijstand herzien en een maatregel van 100% van de bijstandsnorm over februari 2009 opgelegd.
Verzoekster stelt dat zij de giften niet hoefde op te geven en dat zij een lening deels heeft afgelost. Verweerder heeft nagelaten te beoordelen of de giften verantwoord zijn vanuit bijstandsperspectief en of deze als inkomen of vermogen moeten worden aangemerkt. Ook is onduidelijk welk benadelingsbedrag de maatregel rechtvaardigt en is onvoldoende rekening gehouden met persoonlijke omstandigheden.
De voorzieningenrechter oordeelt dat verzoekster weliswaar de inlichtingenplicht heeft geschonden, maar dat de heroverweging in bezwaar moet plaatsvinden met een zorgvuldige beoordeling van de giften, het benadelingsbedrag en de persoonlijke situatie. Gezien de onzekerheid over de handhaving van het besluit is er spoedeisend belang bij een voorlopige voorziening.
De voorlopige voorziening wordt toegewezen, het bestreden besluit geschorst tot zes weken na bezwaarbeslissing, en verweerder wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten en vergoeding van griffierecht. Tegen deze uitspraak is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt toegewezen en het bestreden besluit geschorst tot zes weken na bezwaarbeslissing.