ECLI:NL:RBHAA:2009:BH0323
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. van der Perk
- N.O.P. Roché
- P.E. van der Veen
- Rechtspraak.nl
Veroordeling tot 20 jaar gevangenisstraf voor medeplegen moord en doodslag ondanks bewijsverweren
De rechtbank Haarlem heeft verdachte veroordeeld tot 20 jaar gevangenisstraf wegens medeplegen van moord op zijn broer en doodslag op zijn ex-echtgenote, wier lichaam nooit is gevonden. De bewezenverklaring is gebaseerd op technisch bewijs, waaronder DNA-onderzoek van gevonden lijkdelen, en op verklaringen van meerdere getuigen, waaronder getuigenverklaringen 'de auditu'.
De verdediging voerde diverse bewijsverweren aan, waaronder onrechtmatig verkregen verklaringen van een belangrijke getuige, vermeende misleiding en schending van de verbaliseringsplicht door de officier van justitie, en een alibi voor verdachte. Deze verweren werden door de rechtbank verworpen vanwege onvoldoende aannemelijkheid en omdat de schendingen niet ernstig genoeg waren om het bewijs uit te sluiten.
De rechtbank oordeelde dat de verdachte met voorbedachten rade en kalm beraad zijn broer heeft vermoord door hem met een zwaar voorwerp op het hoofd te slaan, en dat hij zijn ex-echtgenote heeft gewurgd. Hoewel het bewijs voor de doodslag minder sterk was, achtte de rechtbank het aannemelijk dat verdachte ook dit feit heeft gepleegd. De valsheid in geschrifte met betrekking tot documenten op naam van een valse identiteit werd eveneens bewezen verklaard.
De rechtbank wees het verzoek tot niet-ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie af en concludeerde dat de verdachte niet vrijgesproken kon worden. De opgelegde straf is 20 jaar gevangenisstraf, het toen geldende strafmaximum voor de feiten.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 20 jaar gevangenisstraf voor medeplegen moord en doodslag.