ECLI:NL:RBHAA:2008:BF8877
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.H. Lauryssen
- G. Guinau
- A.C. Loman
- Rechtspraak.nl
Vaststelling en terugvordering fractie- en scholingsgelden met afwijzing beroep
Eiseres maakte bezwaar tegen het besluit van de gemeente Haarlem waarin fractie- en scholingsgelden over 2005 en het eerste kwartaal van 2006 werden vastgesteld, met een terugvordering van een deel van de gelden. De rechtbank overwoog dat de verordening voorschrijft dat niet bestede gelden moeten worden terugbetaald en dat uitgaven voor kleding en afscheidscadeaus niet voor vergoeding in aanmerking komen.
Eiseres voerde aan dat de terugvordering van het restantbedrag over 2004 onterecht was, omdat in de toen geldende verordening geen terugvorderingsregeling stond en zij een brief had ontvangen waarin haar uitgaven over 2004 waren goedgekeurd. De rechtbank oordeelde echter dat terugvordering op grond van de Algemene wet bestuursrecht mogelijk is en dat de brief niet als definitieve afhandeling kon worden gezien.
Verder stelde eiseres dat zij ongelijk werd behandeld ten opzichte van andere fracties omdat er geen accountantscontrole was bij andere fracties en dat onrechtmatige uitgaven bij hen werden geaccepteerd. De rechtbank vond dit betoog onvoldoende onderbouwd en concludeerde dat het gelijkheidsbeginsel niet was geschonden.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees een proceskostenveroordeling af. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de terugvordering van fractie- en scholingsgelden wordt ongegrond verklaard.