ECLI:NL:RBHAA:2008:BF8767
Rechtbank Haarlem
- Raadkamer
- G.F.H. Lycklama A Nijeholt
- H.P. van der Lelie
- R. van der Heijden
- Rechtspraak.nl
Bevel tot bewaring wegens ernstige bezwaren mensensmokkel na hoger beroep
De rechtbank Haarlem behandelde het hoger beroep van het Openbaar Ministerie tegen de afwijzing van de vordering tot bewaring van verdachte wegens mensensmokkel. De rechter-commissaris had aanvankelijk onvoldoende ernstige bezwaren geconstateerd op basis van de toen beschikbare stukken.
Na aanvullend onderzoek bleek dat er contact was geweest tussen een getuige en een onbekende man die verdachte aanduidde als zijn zwager, wat de rechtbank als een belangrijke aanwijzing beschouwde. De rechtbank oordeelde dat bij beschikking van de rechter-commissaris met deze gegevens wel ernstige bezwaren tegen verdachte zouden zijn vastgesteld.
Hoewel de toets ex tunc is, achtte de rechtbank het niet redelijk om het hoger beroep ongegrond te verklaren, omdat dit zou leiden tot herhaalde aanhouding en voorgeleiding van verdachte op basis van nieuwe feiten. Daarom werd het beroep van het OM gegrond verklaard en werd bewaring bevolen voor veertien dagen in het huis van bewaring te Schiphol Oost of elders.
De rechtbank baseerde zich op diverse wetsartikelen uit het Wetboek van Strafvordering en Strafrecht en hield rekening met de verklaringen van verdachte en getuige, alsmede het telefonische contact via een Canadees nummer dat verdachte aan zijn zwager toeschreef. De beslissing werd genomen door een meervoudige raadkamer onder voorzitterschap van G.F.H. Lycklama A Nijeholt.
Uitkomst: De rechtbank beveelt de bewaring van verdachte voor veertien dagen wegens ernstige bezwaren mensensmokkel.