ECLI:NL:RBHAA:2008:BF8365
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Stefels
- M.Th. Goossens
- A.M. Koolen-Zwijnenburg
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onrechtmatig verkregen bewijs bij invoer cocaïne
Verdachte werd beschuldigd van het opzettelijk binnenbrengen van cocaïne in Nederland via Schiphol. De officier van justitie baseerde de vervolging mede op vluchtgegevens die door de Criminele Inlichtingen Eenheid (CIE) waren verkregen op basis van een algemene machtiging van de officier van justitie.
De raadsman van verdachte voerde aan dat deze algemene machtiging onrechtmatig was omdat deze niet voldeed aan de wettelijke eisen van een nauwkeurige persoonsaanduiding, waardoor de privacy en het recht op een eerlijke procesorde van verdachte werden geschonden. De rechtbank oordeelde dat de vordering niet voldeed aan de vereisten van artikel 126nd jo 126ue Sv, waardoor de verkregen vluchtgegevens onrechtmatig waren.
Omdat de aanhouding van verdachte uitsluitend was gebaseerd op deze onrechtmatig verkregen gegevens, achtte de rechtbank ook de daaropvolgende bewijzen, waaronder de bekennende verklaring en het aantreffen van verdovende middelen, onrechtmatig verkregen. Hierdoor was er onvoldoende wettig bewijs om de tenlastelegging te bewijzen.
De rechtbank verwierp het verweer dat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk moest worden verklaard, omdat de schending niet ernstig genoeg was om de vervolging te staken. Uiteindelijk sprak de rechtbank verdachte vrij van het ten laste gelegde feit en gelastte de teruggave van in beslag genomen goederen.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende wettig bewijs door onrechtmatig verkregen vluchtgegevens.