ECLI:NL:RBHAA:2008:BF0403
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- C.J. Harts
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot ontbinding huurovereenkomst wegens niet-hoofdverblijf
Ymere vordert ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van een woning omdat de huurder deze niet als hoofdverblijf zou gebruiken. Ymere stelt dat de huurder tekortschiet in zijn verplichtingen en onrechtmatig handelt door de overeenkomst niet op te zeggen.
De huurder betwist dit en voert aan dat hij de woning nog steeds gebruikt, ondanks zijn werk met veel reisverplichtingen en het tijdelijk verblijf van zijn gezin in het buitenland. Hij onderbouwt dat de woning gemeubileerd is, energie verbruikt wordt en hij verantwoordelijk omgaat met het gehuurde.
De kantonrechter oordeelt dat noch het huurcontract noch de algemene voorwaarden een verplichting tot hoofdverblijf bevatten. Ook volgt dit niet uit de wet. De beperkte bewoning leidt niet tot waardevermindering of onrechtmatig handelen. Daarom wordt de vordering van Ymere afgewezen en worden de proceskosten aan haar opgelegd.
Uitkomst: De vordering tot ontbinding van de huurovereenkomst wordt afgewezen en Ymere wordt veroordeeld tot betaling van de proceskosten.