ECLI:NL:RBHAA:2008:BD9476
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen aftrekbare schuld uit verrekenclausule bij overlijden erflater
De zaak betreft een geschil over de vraag of een schuld uit hoofde van een verrekenclausule en een overbedelingsschuld in mindering kunnen worden gebracht op de nalatenschap van erflater, die in 2005 overleed.
Eiseres, erfgename van haar moeder B, betoogt dat zij bij de successieaangifte terecht rekening heeft gehouden met een schuld van €184.583 uit de verrekenclausule en dat de overbedelingsschuld vermeerderd met rente eveneens in mindering dient te komen. Verweerder betwist het bestaan van een rechtens afdwingbare schuld bij overlijden en wijst op het ontbreken van deze vorderingen in eerdere belastingaangiften.
De rechtbank overweegt dat de verrekenclausule alleen een extra vergoeding toekent bij verkoop van het onroerend goed, welke verkoop door erflater niet heeft plaatsgevonden. Bovendien is door het overlijden van erflater de verbintenis door vermenging tenietgegaan. De overbedelingsschuld is niet aannemelijk gemaakt, mede omdat deze niet in aangiften is vermeld en er geen bewijs is van betaling van rente.
Hierdoor oordeelt de rechtbank dat geen rechtens afdwingbare schuld bestond bij overlijden en verklaart het beroep ongegrond. Proceskosten worden niet toegewezen.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond omdat geen rechtens afdwingbare schuld bestond bij overlijden erflater.