ECLI:NL:RBHAA:2008:BD3214
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.A.C. Hofman
- Rechtspraak.nl
Geschil over eigendom en gebruik toilettenruimte na overdracht perceel
In deze zaak staat centraal wie eigenaar is van een gedeelte van een perceel waarop zich een toilettenruimte bevindt, naast een keukenruimte die uitsteekt in het perceel van een andere partij. De oorspronkelijke eigendomsoverdracht van 1994 omschrijft het verkochte perceel als een 'voldoende afgebakend gedeelte', waarvan de exacte grootte moest blijken na uitmeting door het kadaster. De leveringsakte vermeldt dat de keukenruimte eigendom blijft van de verkoper met het recht deze te verwijderen zodra de huurovereenkomst eindigt.
Eiseres stelt dat de akte niet de werkelijke bedoeling van partijen weergeeft en dat de toilettenruimte haar eigendom is, terwijl gedaagden stellen dat deze ruimte niet is overgedragen. De rechtbank stelt dat de notariële akte dwingend bewijs is en dat de uitleg van de akte moet worden afgeleid uit de objectieve bewoordingen. De akte is duidelijk en laat geen ruimte voor tweeërlei uitleg omtrent de omvang van het overgedragen perceel en de eigendom van de keuken en toilettenruimte.
De rechtbank oordeelt dat de toilettenruimte en de keukenruimte buiten het overgedragen perceel vallen en eigendom blijven van de verkoper, die het recht heeft de keuken te verwijderen. Ook het beroep van gedaagde 1 op natrekking faalt omdat de toilettenruimte niet als bestanddeel van de winkelruimte kan worden aangemerkt. De vorderingen van eiseres tot ontruiming en het aanbrengen van een scheidingsmuur worden afgewezen, evenals de reconventionele vorderingen van gedaagden. Beide partijen worden veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van eiseres en gedaagden af en veroordeelt hen in de proceskosten.