ECLI:NL:RBHAA:2008:BD2858
Rechtbank Haarlem
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Ongeldigverklaring invalidenparkeerkaart wegens misbruik door zoon te zwaar gesanctioneerd
Eiser bezit sinds 1978 een gehandicaptenparkeerkaart die in 2006 opnieuw werd verlengd tot mei 2011. Verweerder verklaarde de kaart ongeldig op grond van misbruik door eisers zoon, die de kaart zonder rechtstreeks verband met het vervoer van eiser gebruikte om te parkeren op invalidenparkeerplaatsen.
Eiser erkende het gebruik door zijn zoon tijdens zijn vakantieperiode, maar betwistte verantwoordelijkheid voor het misbruik en vond de sanctie disproportioneel. De voorzieningenrechter concludeerde dat het misbruik had plaatsgevonden en dat eiser het risico hiervan draagt, maar dat de sanctie van ongeldigverklaring voor de gehele resterende looptijd niet in redelijkheid kan worden gehandhaafd.
De rechtbank vernietigde het besluit en droeg verweerder op een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de belangenafweging. Het verzoek om een voorlopige voorziening werd afgewezen. Verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten aan eiser.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot ongeldigverklaring van de invalidenparkeerkaart wordt vernietigd wegens disproportionele sanctie.