ECLI:NL:RBHAA:2008:BC7490
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Toepassing en berekening korting bewijsregel 30%-regeling bij extraterritoriale werknemers
Eiser, die vanaf 16 februari 2006 in dienst trad bij een Nederlandse werkgever, maakte bezwaar tegen de door verweerder vastgestelde looptijd van de 30%-regeling bewijsregel, die volgens verweerder gold tot 30 juni 2014 met een korting van 19 maanden. Het geschil spitste zich toe op de vraag welke verblijfsperioden in Nederland voorafgaand aan de tewerkstelling meetellen voor de korting op de looptijd.
De rechtbank stelde vast dat alleen verblijfsperioden binnen tien jaar voorafgaand aan de tewerkstelling relevant zijn en dat de eerste genoemde periode in 1996 buiten deze termijn valt. De rechtbank verwierp het standpunt van verweerder dat elke kalendermaand waarin een verblijf valt, volledig moet worden meegeteld, ook als het verblijf korter is dan een maand en over twee maanden verspreid is.
De rechtbank oordeelde dat elke afzonderlijke verblijfsperiode moet worden meegeteld en dat de korting op de looptijd van de bewijsregel daarom 14 maanden bedraagt. De looptijd van de bewijsregel werd vastgesteld van 1 februari 2006 tot en met 30 november 2014. Het beroep werd gegrond verklaard, de uitspraak op bezwaar vernietigd en verweerder werd veroordeeld in de proceskosten van eiser.
Uitkomst: De looptijd van de bewijsregel is vastgesteld op 1 februari 2006 tot en met 30 november 2014 met een korting van 14 maanden.