ECLI:NL:RBHAA:2008:BC7437
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Malsch
- Monster
- Boom
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor invoer van circa 5,9 kg cocaïne als drugskoerier
Op 2 november 2007 werd verdachte op Schiphol aangehouden met ongeveer 5.917,50 gram cocaïne verborgen in haar beha en rolkoffer. De cocaïne was bestemd voor verdere verspreiding en handel, wat de ernst van het feit onderstreept.
De rechtbank achtte het ten laste gelegde feit wettig en overtuigend bewezen op basis van verklaringen van verdachte, bevindingen van verbalisanten, en een deskundigenrapport van het Douane Laboratorium dat bevestigde dat het materiaal cocaïne bevatte. Verdachte verklaarde drugs bij zich te hebben, maar wilde niet zeggen waarom of of zij er geld voor kreeg.
De rechtbank oordeelde dat verdachte strafbaar is en legde een gevangenisstraf van 32 maanden op, met aftrek van de tijd die zij reeds in voorlopige hechtenis had doorgebracht. Daarnaast werden diverse aan verdachte toebehorende voorwerpen, waaronder vliegtickets, instapkaarten, een Motorola-telefoon, een simkaart en een notitie, verbeurd verklaard omdat deze waren gebruikt bij het plegen van het delict.
De rechtbank sprak verdachte vrij van hetgeen meer of anders was ten laste gelegd dan het bewezen verklaarde. Het vonnis werd uitgesproken door een meervoudige strafkamer van de Rechtbank Haarlem op 22 februari 2008.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 32 maanden gevangenisstraf wegens invoer van circa 5,9 kg cocaïne.