ECLI:NL:RBHAA:2008:BC5827
Rechtbank Haarlem
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vorderingen over nakoming huurovereenkomst dekhengst en betaling dekseizoen
Eisers exploiteren een hengstenhouderij en huurden voor het dekseizoen 2007 een dekhengst van gedaagde op basis van een huurovereenkomst. Na het dekseizoen ontstond onenigheid over verlenging van de overeenkomst voor 2008 en de definitieve afrekening van het dekgeld.
Eisers vorderden in conventie nakoming van de overeenkomst door de hengst terug te brengen op hun dekstation vóór 1 februari 2008. Gedaagde had de hengst echter reeds aan een derde verhuurd, waardoor nakoming feitelijk onmogelijk was. De rechter oordeelde dat geen vonnis kan worden gewezen dat onmogelijk is na te komen en wees de vordering af.
In reconventie vorderde gedaagde betaling van een geldsom als afrekening voor het dekseizoen 2007. De voorzieningenrechter vond dat gedaagde de omvang van zijn vordering onvoldoende aannemelijk had gemaakt, mede vanwege betwisting door eisers en het ontbreken van spoedeisend belang. Ook deze vordering werd afgewezen.
Beide partijen werden in het ongelijk gesteld en droegen ieder hun eigen proceskosten. De uitspraak werd gedaan door de voorzieningenrechter op 29 februari 2008.
Uitkomst: Vorderingen tot nakoming huurovereenkomst en betaling dekseizoen 2007 worden afgewezen; partijen dragen eigen proceskosten.