ECLI:NL:RBHAA:2008:BC5077
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- F.J.P. Veenhof
- Rechtspraak.nl
Geschil over verwijdering en onderhoud van hoge bomen nabij erfgrens
De zaak betreft een burengeschil waarbij eiser primair verwijdering van twee 17 meter hoge Cupressocyparis leylandii bomen vordert die binnen twee meter van de erfgrens staan. De bomen veroorzaken hinder door het wegnemen van licht, overhangende takken, bladval en wortelopdruk op het terras van eiser.
De rechtbank stelt vast dat de bomen meer dan twintig jaar geleden zijn geplant en dat er geen stuitingshandeling is verricht om de verjaring te onderbreken. Hierdoor wordt de primaire vordering tot verwijdering afgewezen wegens verjaring.
De subsidiaire vordering tot het jaarlijks snoeien van de bomen tot een hoogte van maximaal 10 meter, het verwijderen van overhangende takken en wortels wordt toegewezen. De rechtbank weegt hierbij het belang van eiser bij vermindering van hinder tegen het privacybelang van gedaagde en acht de hoogte van 10 meter een redelijke maatregel.
Er wordt een dwangsom verbonden aan de onderhoudsverplichting en partijen dragen ieder hun eigen proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Primaire vordering tot verwijdering van bomen afgewezen wegens verjaring, subsidiaire vordering tot onderhoud en snoeiwerk tot 10 meter hoogte toegewezen.