ECLI:NL:RBHAA:2008:BC3886
Rechtbank Haarlem
- Kort geding
- A.J. van der Meer
- Rechtspraak.nl
Vordering tot toelating leerling na verwijdering wegens veiligheidsrisico
In deze kortgedingprocedure vordert de moeder dat haar kind weer wordt toegelaten op de school van de Stichting, nadat het kind vanwege een veiligheidsrisico, dat samenhangt met de ex-man van de moeder, van school is verwijderd. De school kan dit veiligheidsrisico niet objectief onderbouwen. De moeder stelt dat er geen reëel gevaar bestaat en verwijst naar beëdigde verklaringen van de vader, waarin hij verklaart Nederland niet te zullen betreden.
De school en politie weigeren schriftelijk te verklaren over het veiligheidsrisico vanwege ambtsgeheim. De voorzieningenrechter oordeelt dat de school aannemelijk moet maken dat het gevaar daadwerkelijk bestaat. Omdat dit onvoldoende is gebeurd, wordt de zaak aangehouden om de politie als getuigen te horen en bewijs te leveren.
Indien de school slaagt in het aannemelijk maken van het gevaar, wordt de vordering van de moeder afgewezen; slaagt zij niet, dan wordt de vordering toegewezen. De zitting voor het getuigenverhoor wordt vastgesteld op 29 januari 2008.
Uitkomst: De vordering tot toelating van de leerling wordt aangehouden voor nader bewijs van het veiligheidsrisico door politiegetuigen.