ECLI:NL:RBHAA:2007:BK9116

Rechtbank Haarlem

Datum uitspraak
3 mei 2007
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
06/4642
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • A.M. van Amsterdam
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 17 lid 2 Wet WOZAfdeling 8.2.6 Algemene wet bestuursrecht
Verwijzingen
4 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vaststelling WOZ-waarde van slooprijpe woning aan de a-straat te Z

Eiser betwist de door verweerder vastgestelde WOZ-waarde van zijn woning gelegen aan de a-straat te Z voor het tijdvak 1 januari 2005 tot en met 31 december 2006. De woning verkeert in een zeer slechte staat van onderhoud en is als slooprijp aangemerkt. Verweerder baseerde de waarde op vergelijkbare woningen in goede staat, wat de rechtbank niet passend acht.

Tijdens de zitting op 19 april 2007 heeft de rechtbank vastgesteld dat noch eiser noch verweerder hun stellingen voldoende hebben onderbouwd met relevante taxatierapporten. De rechtbank heeft daarom in goede justitie de waarde vastgesteld op €80.000, aanzienlijk lager dan de door verweerder verdedigde waarde van €111.000.

De rechtbank vernietigt de eerdere beschikking van verweerder en gelast de gemeente Haarlemmermeer het griffierecht van €38,- te vergoeden. Tevens wijst zij erop dat bij hoger beroep een afschrift van deze uitspraak moet worden overgelegd en aan bepaalde vormvereisten moet worden voldaan.

Uitkomst: De WOZ-waarde van de woning wordt vastgesteld op €80.000 en de eerdere beschikking van de gemeente wordt vernietigd.

Uitspraak

RECHTBANK HAARLEM
Sector bestuursrecht, enkelvoudige belastingkamer
Procedurenummer: AWB 06/4642
Uitspraakdatum: 3 mei 2007
Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak als bedoeld in afdeling 8.2.6 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) in het geding tussen
X, wonende te Z, eiser,
en
de heffingsambtenaar van de gemeente Haarlemmermeer, verweerder.
Zitting
Bij het onderzoek ter zitting van 19 april 2007 te Haarlem zijn verschenen en gehoord eiser, tot bijstand vergezeld van A, alsmede verweerder, tot bijstand vergezeld van B, taxateur.
Geschilomschrijving
In geschil is de uitspraak op het bezwaarschrift tegen de beschikking waardevaststelling ingevolge de Wet waardering onroerende zaken (hierna: de wet WOZ) voor het tijdvak 1 januari 2005 tot en met 31 december 2006. Eiser heeft ter zitting, hoewel hij van opvatting is dat hij in de bezwaarfase niet volledig in de gelegenheid is gesteld zijn bezwaar nader te motiveren, de rechtbank verzocht om in de zaak zelf te beslissen zonder terugwijzing naar verweerder. De rechtbank geeft, zo er al sprake zou zijn van enige noodzaak van terugwijzen, aan dit verzoek gevolg.
Gronden
1. Eiser is eigenaar van de onderhavige tot woning dienende onroerende zaak gelegen aan de a-straat te Z.
2. Ingevolge artikel 17, tweede lid, van de wet WOZ moet de waarde van deze onroerende zaak worden bepaald op de waarde die aan de zaak dient te worden toegekend, indien de volle en onbezwaarde eigendom daarvan zou kunnen worden overgedragen en de verkrijger de zaak in de staat waarin die zich bevindt, onmiddellijk en in volle omvang in gebruik zou kunnen nemen. Daarbij geldt als waardepeildatum 1 januari 2003. Van eisers zaak is geen op of rond peildatum gerealiseerde verkoopprijs bekend.
3. Verweerder heeft zich bij het geven van de onderhavige beschikking op het standpunt gesteld dat de onder 2. bedoelde waarde van eisers onroerende zaak op de waardepeildatum € 248.474 bedraagt. Bij de bestreden uitspraak heeft verweerder de waarde nader vastgesteld op € 111.000.
4. Ter staving van deze nader door hem verdedigde waarde heeft verweerder bij het verweerschrift een op 22 augustus 2006 gedagtekend taxatierapport overgelegd, opgemaakt door B, in welk rapport wordt geconcludeerd tot een waarde in het economisch verkeer van eisers onroerende zaak op de peildatum van (eveneens) € 111.000.
5. B heeft bij de waardebepaling rekening gehouden met verkoopprijzen die rondom de peildatum voor objecten gelegen aan de a-straat, de b-straat en de c-straat, allen te Z, zijn gerealiseerd. Op zichzelf is dit een werkwijze die een goede benadering kan geven van de onder 2. bedoelde waarde.
De rechtbank vindt echter aanleiding de gegevens omtrent genoemde objecten buiten aanmerking te laten omdat het objecten betreft die in een redelijke staat van onderhoud verkeren terwijl de onderhavige woning – zoals ook vermeld in het taxatierapport – in een dermate slechte staat van onderhoud verkeert dat het door de taxateur is aangemerkt als slooprijp.
De door de taxateur gehanteerde objecten kunnen derhalve niet dienen als referentiepanden zodat de hiervoor gerealiseerde verkoopprijzen evenmin steun kunnen bieden aan de door verweerder (nader) verdedigde waarde.
6. Op verweerder rust de bewijslast aannemelijk te maken dat de in aanmerking genomen waarde van € 111.000 niet te hoog is. Met het door hem overgelegde taxatierapport alsmede met hetgeen hij overigens in de stukken en ter zitting heeft aangevoerd, is verweerder daarin onvoldoende geslaagd.
7. Eiser heeft zijn (blote) stelling dat de waarde moet worden vastgesteld op basis van een grondprijs van € 5 per m² niet nader onderbouwd met een taxatierapport of gegevens van gelijk gewicht.
8. Eiser heeft zijn stelling dat, vanwege de nabijheid van Schiphol herbouw niet toegestaan is, tegenover de gemotiveerde betwisting door verweerder, niet of althans onvoldoende aannemelijk gemaakt.
9. Nu de rechtbank verweerder, noch eiser kan volgen in de door hen verdedigde waarde stelt de rechtbank, gelet op het vorenstaande en rekening houdend met al hetgeen door partijen ter zitting en in de van hen afkomstige stukken naar voren is gebracht, de waarde van eisers onroerende zaak, voor de toepassing van de wet WOZ en naar de peildatum 1 januari 2003, in goede justitie vast op € 80.000.
Proceskosten
Voor een afzonderlijke kostenveroordeling is in deze zaak geen plaats, gelet op de in de samenhangende zaak met nummer 06/4641 toegekende kostenveroordeling.
Beslissing
De rechtbank:
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt de uitspraak van verweerder;
- vermindert de vastgestelde waarde tot € 80.000;
- gelast dat de gemeente Haarlemmermeer vergoedt het gestorte griffierecht van € 38,-.
Deze uitspraak is gedaan op 3 mei 2007 en op dezelfde dag in het openbaar uitgesproken door dr. mr. A.M. van Amsterdam, rechter, in tegenwoordigheid van mr. drs. B.J.E. Lodder, griffier.
Afschrift verzonden aan partijen op:
De rechtbank heeft geen bezwaar tegen afgifte door de griffier van een afschrift van het proces-verbaal in geanonimiseerde vorm.
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak kunnen partijen binnen zes weken na de verzenddatum hoger beroep instellen bij het gerechtshof te Amsterdam (belastingkamer), Postbus 1312, 1000 BH Amsterdam.
Bij het instellen van hoger beroep dient het volgende in acht te worden genomen:
1 - bij het beroepschrift wordt een afschrift van deze uitspraak overgelegd.
2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:
a. de naam en het adres van de indiener;
b. een dagtekening;
c. een omschrijving van de uitspraak waartegen het hoger beroep is ingesteld;
d. de gronden van het hoger beroep.