ECLI:NL:RBHAA:2007:BJ5206
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- E. Jochem
- R.G. Kemmers
- T.A. de Hek
- Rechtspraak.nl
Naheffingsaanslag loonbelasting en boete wegens onterechte vaste kostenvergoeding restaurantkosten
Eiseres, een onderneming die advisering verricht, betaalde aan haar enige werknemer A een vaste kostenvergoeding van € 730 per maand, waarvan € 511 bestemd was voor restaurantkosten. De Belastingdienst voerde een boekenonderzoek uit en kwalificeerde de vergoeding voor restaurantkosten geheel als loon, omdat A geen ambulante werknemer was en de kosten als privé-uitgaven moesten worden beschouwd. Eiseres voerde aan dat de kantineregeling van toepassing was, dat de restaurantkosten een meer dan bijkomstig zakelijk karakter hadden, en dat een deel van de kostenvergoeding onterecht was.
De rechtbank oordeelde dat de kantineregeling niet van toepassing was omdat A zijn werkzaamheden op een vaste werkplek verrichtte. Ook was onvoldoende aangetoond dat de restaurantkosten een zakelijk karakter hadden, ondanks het argument dat sommige maaltijden ’s avonds werden genuttigd. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalde wegens gebrek aan onderbouwing. De naheffingsaanslag werd dan ook terecht opgelegd.
Ten aanzien van de boete stelde eiseres dat zij een pleitbaar standpunt innam, maar de rechtbank verwierp dit. Gezien eerdere boekenonderzoeken bij de rechtsvoorganger van eiseres en het ontbreken van deskundige bijstand, was sprake van grove schuld. Wel matigde de rechtbank de boete met 10% wegens overschrijding van de redelijke termijn. Daarnaast werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: De naheffingsaanslag loonbelasting wordt bevestigd en de boete wegens grove schuld wordt gematigd wegens overschrijding van de redelijke termijn.