ECLI:NL:RBHAA:2007:BC1597
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.M. van Amsterdam
- A.P.M. van Rijn
- T.A. de Hek
- Rechtspraak.nl
Beoordeling navorderingsaanslag inkomstenbelasting 1999 op basis van Franse intracommunautaire transacties
Eiser maakte bezwaar tegen een tweede navorderingsaanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen over 1999, waarbij verweerder de omzet had gecorrigeerd op basis van uit Frankrijk verkregen informatie over intracommunautaire transacties. Verweerder stelde vast dat eiser meer had ingekocht dan verantwoord in de administratie en hanteerde een brutowinstpercentage van 30% op deze extra inkopen.
Eiser voerde aan dat een lager brutowinstpercentage van 20,5% gehanteerd moest worden en betwistte de juistheid van de Franse facturen, stellende dat deze aan derden waren toegerekend. De rechtbank oordeelde dat de administratie van eiser niet voldeed aan wettelijke eisen en dat eiser de zware bewijslast niet had voldaan om de correcties van verweerder te weerleggen.
Verzoeken van eiser om aanvullende facturen te overleggen en een deskundigenonderzoek naar handtekeningen werden afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing en te late indiening. De rechtbank vond de door verweerder gebruikte informatie betrouwbaar en concludeerde dat de omzetcorrectie redelijk was.
Het beroep werd ongegrond verklaard en eiser werd gewezen op de mogelijkheid tot hoger beroep bij het gerechtshof Amsterdam binnen zes weken na verzending van het vonnis.
Uitkomst: Het beroep tegen de tweede navorderingsaanslag inkomstenbelasting 1999 wordt ongegrond verklaard.