ECLI:NL:RBHAA:2007:BC0102
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A. Roelvink-Verhoeff
- Rechtspraak.nl
Wijziging omgangsregeling tussen biologische vader en minderjarige kind
Uit een kortstondige relatie is in 2003 een minderjarige geboren, waarbij de moeder het gezag heeft en de nieuwe partner van de moeder het kind heeft erkend. De vader had een omgangsregeling, maar sinds ruim een jaar is er geen contact meer geweest. De moeder verzoekt de omgang te beëindigen of te wijzigen vanwege het ontbreken van contact, vermeende ongeschiktheid van de vader en het feit dat het kind de nieuwe partner als 'papa' ziet.
De vader voert verweer en stelt dat het gebrek aan omgang door toedoen van de moeder komt, die de omgang belemmert. Hij betwist dat het contact verbroken is en dat hij ongeschikt is. De rechtbank overweegt dat het belang van het kind om zijn biologische vader te kennen zwaar weegt en dat het bestaande family life niet verbroken is, mede omdat de moeder de omgang niet heeft ondersteund.
De vermoedens van alcohol- en drugsmisbruik door de vader zijn onvoldoende bewezen. De omgang wordt daarom hersteld met een beperkte regeling, rekening houdend met het feit dat het kind de nieuwe partner als vader ziet. De moeder krijgt een dwangsom opgelegd bij niet-naleving van de omgangsregeling. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De omgangsregeling wordt gewijzigd en de omgang wordt hersteld met een dwangsom bij niet-naleving.