ECLI:NL:RBHAA:2007:BB2280
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid en voortbestaan rechtspersoon bij onjuiste handelsregisterinschrijving
In deze civiele procedure staat centraal of de besloten vennootschap Coxon Consultancy & Services B.V. is opgehouden te bestaan na een onjuiste inschrijving in het handelsregister waarin werd vermeld dat zij was ontbonden wegens het ontbreken van baten. De rechtbank stelt vast dat volgens het wettelijke systeem van afwikkeling van rechtspersonen een ontbonden vennootschap pas ophoudt te bestaan indien zij geen baten meer heeft en dat Coxon zich op haar voortbestaan mag beroepen zolang er een vordering in rechte loopt.
Voorts oordeelt de rechtbank dat InterXion, de gedaagde partij, steeds heeft geweten wie haar wederpartij was, zodat herstel van een verschrijving in de dagvaarding wordt toegestaan. Ten aanzien van de relatieve bevoegdheid wijst de rechtbank het beroep van InterXion af dat de zaak naar de rechtbank Amsterdam moet worden verwezen, omdat InterXion ook kantoor houdt binnen het arrondissement Haarlem en de vordering niet uitsluitend een aangelegenheid betreft van de statutaire zetel.
De rechtbank veroordeelt InterXion in de kosten van het incident en bepaalt dat de zaak op 29 augustus 2007 zal worden voortgezet voor de conclusie van antwoord. Hiermee bevestigt de rechtbank haar relatieve bevoegdheid en het voortbestaan van Coxon als partij in de procedure.
Uitkomst: De rechtbank wijst het bevoegdheidsverweer af, erkent het voortbestaan van Coxon en staat herstel van de naam in de dagvaarding toe.