ECLI:NL:RBHAA:2007:BB0182
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- F.J.P. Veenhof
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot gezamenlijk ouderlijk gezag ondanks goede omgangsregeling
Partijen hebben een affectieve relatie gehad waaruit twee minderjarige kinderen zijn geboren. De moeder oefent van rechtswege het ouderlijk gezag uit. Na het beëindigen van de relatie wonen de kinderen ongeveer de helft van de week bij elk van de ouders, waarbij de omgangsregeling al jaren goed functioneert.
De vader verzoekt de rechtbank om gezamenlijk ouderlijk gezag toe te kennen, stellende dat dit in het belang van de kinderen is. De rechtbank oordeelt dat de vader ontvankelijk is in zijn verzoek, omdat het recht op toegang tot de rechter en het recht op uitoefening van ouderlijke rechten volgens het EVRM dit recht waarborgen.
Desondanks wordt het verzoek afgewezen omdat onvoldoende is aangetoond dat gezamenlijk gezag het belang van de kinderen beter dient dan de huidige situatie. De omgangsregeling wordt conform de gemaakte afspraken vastgesteld, waarbij de kinderen de helft van de tijd bij elk van de ouders verblijven, inclusief een regeling voor vakanties.
Uitkomst: Verzoek tot gezamenlijk ouderlijk gezag wordt afgewezen; omgangsregeling wordt vastgesteld conform afspraken.