ECLI:NL:RBHAA:2006:AZ3026
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Pott Hofstede
- Verpalen
- Malsch
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor diefstal met valse sleutel, verduistering en valse aangifte
Verdachte heeft gedurende bijna drie jaar geldbedragen weggenomen uit de kluis van de praktijk van zijn broer door gebruik te maken van een sleutel die hij onbevoegd gebruikte, waardoor deze als een valse sleutel werd aangemerkt. Daarnaast verduisterde hij goederen van zijn vorige werkgever en deed hij een valse aangifte om zichzelf te vrijwaren van verdenking.
De rechtbank verwierp het verweer dat er geen sprake was van een valse sleutel, verwijzend naar vaste jurisprudentie dat onbevoegd gebruik van een sleutel deze tot een valse sleutel maakt. Het bewezen verklaarde bedrag aan diefstal bedroeg ongeveer €37.500. Verdachte schaamde zich voor zijn daden, volgde vrijwillig therapie en had een betalingsregeling getroffen met zijn broer.
De rechtbank achtte verdachte strafbaar en legde een werkstraf van 160 uren op, te vervangen door 80 dagen hechtenis bij niet-naleving, en een voorwaardelijke gevangenisstraf van vier maanden met een proeftijd van twee jaar, gekoppeld aan verplicht contact met de reclassering en voortzetting van therapie.
De straf weerspiegelt de ernst van het vertrouwen dat is geschonden en de financiële schade die is toegebracht, maar houdt rekening met de persoonlijke omstandigheden en het inzicht van verdachte.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 160 uren werkstraf en een voorwaardelijke gevangenisstraf van vier maanden met een proeftijd van twee jaar.