ECLI:NL:RBHAA:2006:AZ2893
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Mateman
- Brouwer
- Kronenberg
- Rechtspraak.nl
Veroordeling minderjarige voor invoer van cocaïne in Nederland
De rechtbank Haarlem behandelde de zaak van een minderjarige verdachte die werd beschuldigd van het invoeren van ongeveer 1.305 gram cocaïne in Nederland. De verdachte ontkende opzet, stellende dat hij niet wist dat zijn koffer was geprepareerd en dat hij deze onbeheerd bij zijn neef had achtergelaten. De rechtbank verwierp dit verweer, stellende dat verdachte zich bewust had blootgesteld aan het risico van drugstransport.
Bewijs bestond uit verklaringen van verbalisanten die afwijkingen aan de koffer constateerden, en het feit dat verdachte wist dat er regelmatig drugs uit Suriname naar Nederland worden vervoerd. De rechtbank achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte willens en wetens de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat de koffer drugs bevatte.
De rechtbank legde een jeugddetentie van 192 dagen op, waarvan 180 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, en een werkstraf van 180 uur. Tevens werd beslag gelegd op diverse reisdocumenten en de koffer. De straf weerspiegelt de ernst van het feit en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, waaronder zijn jeugdige leeftijd en het ontbreken van eerdere strafbare feiten.
Uitkomst: Verdachte wordt veroordeeld tot 192 dagen jeugddetentie waarvan 180 dagen voorwaardelijk en een werkstraf van 180 uur wegens invoer van cocaïne.