ECLI:NL:RBHAA:2006:AZ1606
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontbinding geregistreerd partnerschap en alimentatieverplichting na niet-goedkeuring partnerschapsvoorwaarden
Partijen waren gehuwd in gemeenschap van goederen en zijn in 2003 gescheiden met een echtscheidingsconvenant waarin alimentatie en pensioenafspraken zijn vastgelegd. In 2005 registreerden zij een partnerschap en stelden partnerschapsvoorwaarden op met uitsluiting van gemeenschap van goederen en een verwijzing naar het echtscheidingsconvenant voor alimentatie.
De partnerschapsvoorwaarden zijn niet ter goedkeuring aan de rechtbank voorgelegd, waardoor deze nietig zijn op grond van artikel 1:166 jo Pro 119 BW. De rechtbank oordeelt dat deze nietigheid alleen de vermogensrechtelijke regelingen raakt, niet de alimentatieovereenkomst die partijen voorwaardelijk in artikel 12 hebben Pro opgenomen.
De man voerde aan dat ingrijpende wijzigingen in zijn financiële situatie hem vrijstellen van het niet-wijzigingsbeding in het convenant, maar de rechtbank acht deze wijzigingen niet relevant. De alimentatieverplichting blijft onverkort van kracht, inclusief de wettelijke indexering. Het verzoek tot pensioenverevening wordt niet toegewezen omdat het subsidiaire verzoek van de vrouw niet aan bod komt.
De rechtbank beveelt de ontbinding van het geregistreerd partnerschap, de verdeling van de gemeenschap van goederen en bevestigt de alimentatieverplichting van de man aan de vrouw volgens het convenant. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Het geregistreerd partnerschap wordt ontbonden en de alimentatieverplichting van de man aan de vrouw wordt bevestigd conform het echtscheidingsconvenant.