ECLI:NL:RBHAA:2006:AY9268
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling eigenwoningschuld en financiering verbouwing voor inkomstenbelasting 2003
Eiser kocht in 1997 een nieuwbouwwoning en financierde deze met een hypothecaire lening van ƒ 399.000. Tussen 1998 en 2003 gaf hij aanzienlijke bedragen uit aan verbouwing en onderhoud, deels gefinancierd met diverse leningen. In 2003 sloot eiser een nieuwe hypothecaire lening van € 290.500 waarmee hij eerdere leningen aflost en een bedrag in handen kreeg.
De kern van het geschil was of deze gehele lening als eigenwoningschuld kon worden aangemerkt, zodat de rente en kosten aftrekbaar waren. Eiser stelde dat hij bij de bouw al het oogmerk had om verbouwingskosten via geldlening te financieren, en dat de lening van 2003 dit oogmerk uitvoerde.
De rechtbank stelde vast dat eiser dit niet aannemelijk had gemaakt. De verbouwing was grotendeels in 2001 afgerond, terwijl de lening pas in 2003 werd afgesloten. Eiser had ook tussentijds leningen afgesloten voor lagere bedragen dan de gemaakte kosten. De stelling dat eigen middelen als lening waren voorgeschoten werd verworpen.
De rechtbank concludeerde dat de eigenwoningschuld terecht was vastgesteld op € 254.259 en verklaarde het beroep ongegrond. Proceskosten werden niet toegewezen. De uitspraak werd op 22 september 2006 gedaan.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de eigenwoningschuld op € 254.259.