ECLI:NL:RBHAA:2006:AX8585
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- R.G. Kemmers
- Rechtspraak.nl
Afwijzing zelfstandigenaftrek wegens onvoldoende urenbesteding aan onderneming in 2001
Eiser voerde aan dat hij in 2001 1554 uren had besteed aan zijn onderneming, bestaande uit sier- en struisvogelactiviteiten en de exploitatie van een hertenfarm. De urenstaten over 2000 en 2001 werden echter betwist vanwege tegenstrijdigheden en gebrek aan specificatie van werkzaamheden.
De rechtbank stelde vast dat eiser naast zijn onderneming ook een loondienst had van 40 uur per week en dat de herten pas in oktober 2001 werden aangeschaft, terwijl veel uren in de eerste negen maanden van 2001 aan bouwactiviteiten zouden zijn besteed. Dit achtte de rechtbank niet aannemelijk.
Ook het verschil in uren besteed aan vogelverzorging voor en na de verhuizing werd door de rechtbank niet geloofd. Het vertrouwensbeginsel kon niet worden toegepast omdat toezeggingen alleen betrekking hadden op 2002.
De rechtbank concludeerde dat eiser niet voldeed aan het urencriterium van 1225 uur en verklaarde het beroep ongegrond. Proceskosten werden niet toegewezen.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard wegens onvoldoende aannemelijkheid van het urencriterium voor de zelfstandigenaftrek in 2001.