ECLI:NL:RBHAA:2006:AX4357
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot ontbinding arbeidsovereenkomst wegens klachten ongewenste intimiteiten
De stichting De Geestgronden verzocht ontbinding van de arbeidsovereenkomst met een medewerker wegens klachten van vier vrouwelijke geriatrische psychiatrische patiënten over ongewenste intimiteiten. De medewerker was sinds 1999 werkzaam als begeleider van deze patiënten. Na de klachten werd hij op non-actief gesteld en onderzocht door een interne instelling van De Geestgronden.
De klachten betroffen onder meer het betreden van een douche zonder toestemming, ongewenste aanrakingen en onverwachte bezoeken aan kamers van patiënten. Het interne onderzoek bestond uit gesprekken met de klaagsters en een rapportage aan De Geestgronden. De medewerker betwistte de betrouwbaarheid van het onderzoek, stelde dat de patiënten psychiatrische stoornissen hebben en dat collega’s nooit ongewenst gedrag hadden opgemerkt.
De Geestgronden stelde dat herplaatsing binnen de organisatie niet mogelijk was vanwege de kwetsbaarheid van andere patiënten en het gedrag van de medewerker. De medewerker voerde aan dat er wel mogelijkheden waren en dat De Geestgronden onvoldoende had gedaan om hem elders te plaatsen. De kantonrechter oordeelde dat het onderzoek niet onafhankelijk was uitgevoerd, dat de klachten onvoldoende waren onderbouwd en dat De Geestgronden onvoldoende had aangetoond dat herplaatsing onmogelijk was.
Daarom werden geen gewichtige redenen voor ontbinding vastgesteld. Het verzoek tot ontbinding werd afgewezen en De Geestgronden werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs en onvoldoende inspanningen tot herplaatsing.