ECLI:NL:RBHAA:2006:AV5237
Rechtbank Haarlem
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Toewijzing vordering doorbetaling loon tijdens ziekte ondanks betwisting arbeidsovereenkomst
Eiseres trad in juli 2001 in dienst bij Lowland International B.V. als medic op basis van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd. Vanaf begin 2004 werd haar salaris via het Cypriotische bedrijf Artiria Shipping Company Limited betaald, wat Lowland als administratieve wijziging beschouwde. In augustus 2005 werd eiseres arbeidsongeschikt verklaard wegens overwerk en bloedarmoede.
Lowland stelde dat de arbeidsovereenkomst met eiseres per 1 maart 2004 was beëindigd en dat zij sindsdien in dienst was bij Artiria, maar eiseres betwistte dit en stelde dat zij nooit akkoord is gegaan met beëindiging van haar arbeidsovereenkomst met Lowland. Zij ontkende ook het ondertekenen van het contract met Artiria en stelde dat de e-mails waarop Lowland zich beroept niet van haar afkomstig waren.
De kantonrechter oordeelde dat Lowland onvoldoende bewijs had geleverd voor het einde van de arbeidsovereenkomst en dat Lowland zich als werkgever bleef gedragen. Omdat eiseres sinds december 2005 geen loon meer ontving en zij een spoedeisend belang had, werd Lowland veroordeeld tot doorbetaling van het loon tijdens ziekte vanaf december 2005, vermeerderd met wettelijke rente en verhoging. De proceskosten werden aan Lowland opgelegd.
Uitkomst: Lowland wordt veroordeeld tot doorbetaling van loon tijdens ziekte vanaf december 2005 tot rechtsgeldige beëindiging arbeidsovereenkomst.