ECLI:NL:RBHAA:2005:AU4244
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vaststelling bijdrage in kosten verzorging en opvoeding minderjarige kinderen na echtscheiding
Partijen zijn in 1986 gehuwd en in 1998 gescheiden, waarbij de man het gezag over de minderjarige kinderen kreeg. De man verzocht de rechtbank om de vrouw te verplichten een bijdrage te leveren in de kosten van verzorging en opvoeding van de kinderen over de periode september 1996 tot december 2004 en vanaf januari 2005.
De vrouw had in de gevorderde periode geen inkomsten en kreeg pas later beschikking over een aanzienlijk vermogen. De rechtbank oordeelde dat een bijdrage over een verleden tijdvak slechts onder strikte voorwaarden kan worden vastgesteld en dat een latere verandering in draagkracht geen grond is voor wijziging over die periode. Daarom werd het verzoek voor de periode tot 2004 afgewezen.
Voor de periode vanaf maart 2005 stelde de rechtbank vast dat de vrouw, ondanks het ontvangen vermogen, redelijkerwijs €130 per maand per kind kan bijdragen. Ook werd een bijdrage voor de meerderjarige dochter vastgesteld vanaf mei 2005. De proceskosten werden ieder voor eigen rekening gelaten en de beschikking werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Verzoek bijdrage over 1996-2004 afgewezen; bijdrage vanaf maart 2005 vastgesteld op €130 per maand per kind.