ECLI:NL:RBHAA:2005:AT4422
Rechtbank Haarlem
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Moeder verplicht tot medewerking aan vaccinatie van gezamenlijke dochter
In deze kortgedingprocedure vordert de vader dat de moeder wordt verplicht mee te werken aan de vaccinatie van hun gezamenlijke dochter tegen meningokokken C en DTP-BMR. De moeder weigert deze vaccinaties op basis van gezondheidsrisico's en eerdere bijwerkingen bij het kind.
De voorzieningenrechter stelt vast dat het belang van het kind voorop staat en dat de vaccinaties noodzakelijk zijn ter preventie van levensbedreigende ziekten. Hoewel de moeder medische bezwaren aanvoert, wordt erkend dat het overheidsbeleid en een breed gedragen medische opvatting het nut van deze vaccinaties onderstrepen.
De rechter acht het spoedeisend belang van de vader voldoende en beveelt de moeder binnen zeven dagen medewerking te verlenen aan de vaccinaties onder medische controle, met een dwangsom van € 50 per dag bij niet-nakoming, gemaximeerd op € 25.000. De kosten van het geding worden ieder voor eigen rekening gelaten.
Uitkomst: De moeder wordt veroordeeld om binnen zeven dagen mee te werken aan de vaccinatie van de dochter tegen meningokokken C en DTP-BMR, onder dreiging van een dwangsom.